Over Griekse Eilanden.
Een cruise naar de Griekse eilanden: welke van de zesduizend je ziet
Er staan 4.165 boekbare reizen in dit vaargebied, langs 607 havens, met 118 schepen, vanaf €153 per persoon.
Griekenland telt naar schatting zesduizend eilanden en rotsen, waarvan er ruwweg tweehonderd bewoond zijn. Op een cruiseprogramma komen er hooguit vijftien terug, en dat is geen willekeurige selectie: het gaat om de eilanden met een kade die diep genoeg is, met genoeg te zien binnen een halve dag, en met een naam die verkoopt.
De havens die het vaakst worden aangedaan zijn Athene (Piraeus), Mykonos, Corfu en Efeze. Dat rijtje laat meteen zien dat dit vaargebied groter is dan zijn naam: Efeze ligt in Turkije en Civitavecchia is de haven van Rome.
De landen op deze reizen zijn Griekenland, Italië, Turkije en Kroatië. Een reis door de Griekse eilanden is in de praktijk vaak een reis door de oostelijke Middellandse Zee, met Italië aan de ene kant en Turkije aan de andere.
Wie alleen Griekenland wil, moet daar bij het kiezen op letten. Er zijn korte rondreizen die vanuit Athene vertrekken en niets anders dan Griekse en Turkse havens doen, en er zijn reizen van veertien dagen waarin de eilanden drie dagen van het programma zijn.
De mooiste Griekse eilanden: Cycladen, Dodekanesos en Ionische eilanden
De Cycladen liggen in het midden van de Egeïsche Zee en leveren het beeld dat iedereen kent: witte kubusdorpen, blauwe koepels en kale rotsen. Santorini en Mykonos horen hierbij en staan in de lijst hierboven.
Santorini is de rand van een vulkaan die rond 1600 voor Christus is ingestort. Wat overblijft is een halve ring waarvan de binnenkant driehonderd meter recht omhoog gaat; het schip ligt in de caldera voor anker en je gaat met een tender aan wal. Van de kade naar Fira kom je met een kabelbaan, te voet over zeshonderd treden, of op een ezel. Bij twee of drie schepen tegelijk staat er een uur wachtrij voor die kabelbaan, in beide richtingen.
Mykonos heeft wel een kade en heeft een oude stad die als doolhof is aangelegd om piraten te laten verdwalen. Dat werkt bij bezoekers nog steeds.
De Dodekanesos ligt tegen de Turkse kust aan. Rhodos is er de grootste van, met een ommuurde middeleeuwse stad van de Johannieters die op de werelderfgoedlijst staat en die je van de kade in loopt. Patmos is klein en stil, met het klooster waar volgens de overlevering de Openbaring is opgeschreven.
De Ionische eilanden liggen aan de westkant, en daar hoort Corfu bij: groener, met Venetiaanse en Britse sporen in plaats van Ottomaanse, en een kade waar een groot schip gewoon kan afmeren. Corfu staat op veel reizen tussen Italië en Griekenland en is daarom een van de meest aangedane havens van het hele gebied.
Waar je aan boord stapt
De vertrekhavens zijn Athene (Piraeus), Civitavecchia en Istanbul.
Athene (Piraeus) is de grootste, en dat is Piraeus, de haven van Athene. Vanuit Nederland vlieg je er in ruim drie uur naartoe. De cruisekade ligt zes kilometer van het centrum van Piraeus en een half uur met de metro van de Akropolis; reken bij een aankomst op de dag zelf op files, want dit is een van de drukste passagiershavens van Europa.
Civitavecchia is de tweede en ligt tachtig kilometer van Rome, ruim een uur met de trein vanaf het station naast de haven. Reizen die daar beginnen doen Griekenland in de tweede helft van de week aan.
Istanbul en Venetië staan er ook in. Venetië zelf is voor grote schepen gesloten sinds het verbod om via het Giudeccakanaal te varen; het aanbod ligt nu in Marghera en Ravenna, en dat betekent een bustransfer voor en na de reis.
De rederijen zijn MSC Cruises, Celestyal Cruises, Princess Cruises en Costa Cruises. MSC Cruises is hier de grootste. Wat opvalt is de aanwezigheid van een Griekse aanbieder met kleinere schepen: die vaart korte rondes van drie en vier nachten vanuit Athene, en dat is een aparte markt die je bij de grote rederijen niet vindt.
De beste tijd voor een cruise naar Griekenland, en de meltemi
Er zijn 12 maanden met vertrek, maar het aanbod is scheef verdeeld. Het drukst is oktober, het rustigst februari.
Dat september de drukste maand is, is geen toeval en het is ook de beste tip die dit gebied te bieden heeft. De zee is dan op zijn warmst na een hele zomer opwarmen, het is zesentwintig tot dertig graden in plaats van vijfendertig, en de scholen zijn weer begonnen.
Juli en augustus zijn heet en druk. Boven de dertig graden een archeologisch terrein zonder schaduw belopen is zwaar werk, en in Athene loopt het kwik regelmatig richting de veertig.
Wat in de zomer het weer bepaalt is de meltemi, een droge noordenwind die dagen achtereen kan waaien met kracht zes tot acht. Die maakt de hitte draaglijk en zorgt tegelijk voor het enige echte risico in dit gebied: bij te veel wind kan een tenderhaven vervallen. Santorini en Mykonos zijn daar het gevoeligst voor. Dat gebeurt niet vaak, maar het gebeurt, en geen enkele rederij compenseert een gemiste haven met meer dan het havengeld.
Mei, juni en oktober zijn de rustige randen: twintig tot zesentwintig graden, alles open, en lagere prijzen. In november tot maart valt het aanbod bijna helemaal weg; wat er dan vaart zijn lange reizen die hier doorheen komen.
Hoe je een reis kiest die klopt
De meest voorkomende reisduur is 5 tot 7 dagen. Dat zijn de weekreizen, en die passen bij dit gebied omdat de afstanden klein zijn: een schip vaart 's nachts van eiland naar eiland en ligt elke ochtend ergens anders.
Let op de ligtijden. Een dag Santorini van acht tot vijf is iets anders dan een dag van elf tot zes, want in dat laatste geval sta je met alle andere schepen tegelijk in de rij en zie je de zonsondergang bij Oia niet, terwijl dat het beeld is waarvoor mensen komen. Reizen die daar tot laat in de avond blijven liggen, bestaan; die kosten meer en zijn dat waard.
Let ook op het onderscheid tussen kade en tender. Bij Santorini, en bij enkele kleinere eilanden, ga je met een sloep aan wal, en dat kost aan beide kanten tijd. Wie slecht ter been is, moet dat vooraf uitzoeken.
Excursies zijn hier lang niet altijd nodig. Op Corfu, Rhodos en Katakolon loop je van de kade het bezienswaardige in. Voor Efeze en voor Athene is een georganiseerde tocht wel te overwegen, omdat het terrein op afstand ligt en de terugkeer aan de klok van het schip hangt.
Wat je aan wal aantreft
De eilanden leven van deze maanden, en dat is aan de kades te zien.
De prijzen aan de haven liggen hoger dan een straat verderop. Een koffie op het plein van Fira kost het drievoudige van dezelfde koffie in een dorp aan de andere kant van het eiland; dat verschil is op elk eiland terug te vinden.
Betalen gaat met de euro en met pin, ook op de kleine eilanden. Contant geld heb je nodig voor de veerboten, voor de kleine tavernes in het binnenland en voor de bus.
Het eten is per eiland verschillend en dat is geen marketing: op Santorini groeien tomaten en kappertjes op vulkanische grond zonder irrigatie, op Naxos wordt kaas gemaakt, en op Kreta is de olijfolie het uitgangspunt van vrijwel elk gerecht. Wie in een taverne vraagt wat er van het eiland zelf komt, krijgt een bruikbaar antwoord.
Kerken en kloosters vragen bedekte schouders en knieën, ook bij dertig graden. Bij de bekendste plekken liggen doeken bij de ingang klaar; bij de kleinere niet.
Reken erop dat je op de warme dagen water meeneemt en schoenen draagt waarop je over keien en marmer kunt lopen. Dat marmer is in tweeduizend jaar glad geworden en is bij nat weer verraderlijk.