1.034 boekbare reizen langs 11 havens, vanaf €399 per persoon.
Er zijn 1.034 boekbare riviercruises over de Moezel, langs 11 aanlegplaatsen in Duitsland en Luxemburg.
Dat is meer dan op de Seine, de Rhône of de Douro, en dat komt doordat de Moezel zelden alleen wordt gevaren. Koblenz staat op 938 van die reizen: dat is de plek waar de rivier in de Rijn uitkomt, en de meeste schepen maken vanaf daar een lus van twee of drie dagen de Moezel op voordat ze hun Rijnreis vervolgen.
558 reizen duren vijf tot zeven dagen en 154 korter dan vijf. Die laatste groep is het korte weekendaanbod vanuit Keulen en Düsseldorf, dat op deze rivier ongebruikelijk goed vertegenwoordigd is.
De goedkoopste begint bij €399 per persoon en er varen 50 schepen. De drukst aangedane plaatsen zijn Koblenz, Cochem, Bernkastel en Trier en de rederijen zijn Emerald Cruises, Scenic River Cruises, A-ROSA en Viva Cruises.
De Moezel is tweehonderdvijftig kilometer lang tussen Trier en Koblenz, en dat traject overbrugt hemelsbreed honderdvijftien kilometer.
De rivier slingert daar in lussen door het leisteengebergte, met bochten van bijna honderdtachtig graden. Bij Bremm ligt de bekendste: de rivier draait daar zo scherp om een landtong heen dat de wijnhelling aan de buitenkant van de bocht de steilste van Europa is, met een hellingshoek van vijfenzestig graden.
Dat slingeren is de reden dat een dag op deze rivier anders voelt dan op de Rijn. Je vaart langzaam, de oevers zijn dichtbij, en het uitzicht draait voortdurend: dezelfde helling zie je vanuit drie kanten.
De rivier is sinds 1964 gekanaliseerd met tien stuwen tussen Koblenz en Trier, waardoor de waterstand er stabieler is dan op de Rijn. Er wordt daarom minder vaak omgeboekt wegens laag water; hoogwater kan hier wel roet in het eten gooien, want de bruggen liggen laag.
Wat er verder aan de oevers ligt: burchten en burchtruïnes, waarvan Burg Eltz de bekendste is. Die staat in een zijdal, is nooit verwoest en is achthonderd jaar in bezit van dezelfde familie; hij ligt op een half uur rijden vanaf de kade bij Moselkern of Treis-Karden.
Op deze hellingen staat vrijwel alleen riesling, en dat is geen keuze maar een gevolg.
De hellingen liggen op leisteen, die overdag warmte opneemt en die 's nachts weer afgeeft. In een streek die voor wijnbouw eigenlijk te noordelijk ligt, is dat het verschil tussen rijpen en niet rijpen; de druiven halen hier hun suiker in een groeiseizoen dat elders te kort zou zijn.
Wat het oplevert is wijn met weinig alcohol en veel zuur, die tientallen jaren kan liggen. De beste percelen dragen namen die op het etiket staan, zoals Bernkasteler Doctor en Wehlener Sonnenuhr; die laatste is naar een zonnewijzer genoemd die in 1842 in de wijngaard is gemetseld zodat de arbeiders wisten wanneer het schaft was.
Het werk is zwaar en dat verklaart waarom er hellingen leeglopen. Op de steilste percelen kan geen machine komen: alles gaat met de hand en met kabellieren, en het aantal uren per hectare loopt op tot tien keer dat van een vlak perceel.
In Bernkastel, dat op 261 aanlopen staat, is dat allemaal binnen een half uur lopen te zien. Het stadje heeft een marktplein met vakwerkhuizen uit de zestiende eeuw, waaronder het Spitzhäuschen dat naar boven toe breder wordt, en de wijngaard begint waar de laatste straat ophoudt.
Bij een proeverij: vraag naar het verschil tussen Kabinett, Spätlese en Auslese. Dat gaat niet over kwaliteit maar over het suikergehalte bij de pluk, en dat is precies waar deze streek zijn indeling op heeft gebouwd.
Trier staat op 166 aanlopen en is het verste punt dat de meeste schepen op deze rivier halen.
De stad is rond 17 voor Christus door de Romeinen gesticht en werd in de derde en vierde eeuw een van de hoofdsteden van het rijk, met tienduizenden inwoners en een keizerlijk hof. Constantijn de Grote heeft er jaren geresideerd.
Wat daarvan staat is uitzonderlijk. De Porta Nigra is een stadspoort uit ongeveer 170, van zandsteenblokken die zonder mortel op elkaar zijn gestapeld; hij staat er nog omdat er in de middeleeuwen een kerk in is gebouwd, en toen Napoleon die liet slopen kwam de Romeinse poort er weer onder vandaan.
Daarnaast zijn er de keizerthermen, een amfitheater voor twintigduizend toeschouwers, een Romeinse brug waarvan de pijlers uit het jaar 144 nog dragen, en de basiliek van Constantijn: een troonzaal van zesenzestig meter lang en dertig meter hoog, met een overspanning zonder zuilen die tot in de negentiende eeuw ongeëvenaard is gebleven.
Negen bouwwerken in en om de stad staan sinds 1986 samen op de Werelderfgoedlijst. Dat is voor een stad van honderdduizend inwoners uitzonderlijk veel.
In deze stad is bovendien Karl Marx geboren, in 1818, in een huis aan de Brückenstraße dat museum is. Dat trekt jaarlijks tienduizenden bezoekers, van wie een aanzienlijk deel uit China komt.
Op tweeënvijftig kilometer vormt de Moezel de grens met Luxemburg, en dat levert deze rivier zijn tweede land op.
Remich en de vermelding Luxembourg staan samen op tweeënvijftig reizen. Let op waar je dan ligt: de hoofdstad Luxemburg ligt aan de Alzette in een dal binnenlands, op een half uur rijden van de rivier, en is dus een busexcursie.
Wat er aan de oever zelf ligt is wijnstreek. Aan de Luxemburgse kant staat naast riesling ook elbling, een oude soort die de Romeinen hebben meegebracht en die vrijwel alleen aan deze rivier is overgebleven, en er wordt crémant gemaakt volgens de methode van de champagne.
Iets stroomopwaarts ligt het dorp Schengen, op het punt waar Luxemburg, Duitsland en Frankrijk samenkomen. Daar is in 1985 het akkoord getekend dat de grenscontroles afschafte, en dat is niet in een zaal gebeurd maar aan boord van een passagiersschip midden op deze rivier, zodat geen van de drie landen gastheer was.
Er staat nu een museum aan de kade en er ligt een stuk Berlijnse Muur. Voor wie op een riviercruise zit is dat een aardige gedachte: het schip waar je op staat, vaart over de plek waar het vrij reizen door Europa is ondertekend.
September telt 196 reizen, oktober 195 en december 125. Januari komt uit op nul en februari op 2.
Dat najaar is de oogst: september en oktober zijn de maanden waarin er op de hellingen wordt geplukt en waarin de wijndorpen hun feesten hebben. In december varen de kerstmarktreizen, met Trier, Cochem en Koblenz als vaste namen.
Het weer is dan koel. Reken in het najaar op tien tot achttien graden en op ochtendmist in het dal, die vaak pas tegen elf uur optrekt; in de zomer ligt het rond de vijfentwintig.
De schepen zijn hier kleiner dan op de Rijn. De sluizen op de Moezel zijn korter, waardoor een deel van de vloot er niet in past en er schepen van honderdtien meter varen met honderd tot honderdvijftig passagiers.
Dat is te merken aan de aanlegplaatsen: die liggen in dorpen waar je zo van de loopplank de straat op stapt. Cochem, Bernkastel en Traben-Trarbach zijn alle drie in een uur te belopen, en dat maakt deze rivier geschikt voor wie niet in bussen wil zitten.
Neem schoenen mee waarop je kunt klimmen. Vrijwel elk dorp heeft een burcht of een uitkijkpunt boven de wijngaarden, en dat is telkens een klim van twintig minuten over kasseien en trappen.
Bij een lus vanaf de Rijn duurt het Moezelgedeelte twee of drie dagen. Kijk bij het boeken hoeveel nachten er werkelijk op deze rivier worden gevaren, want de reis heet bij sommige rederijen naar de Moezel terwijl het zwaartepunt op de Rijn ligt.
117 reizen over de Moezel
83 reizen over de Moezel
76 reizen over de Moezel
56 reizen over de Moezel
55 reizen over de Moezel
50 reizen over de Moezel
45 reizen over de Moezel
43 reizen over de Moezel
43 reizen over de Moezel
41 reizen over de Moezel
41 reizen over de Moezel
40 reizen over de Moezel