Op een groot cruiseschip worden de meeste mensen niet zeeziek, maar op de Noordzee in het najaar of in de Golf van Biskaje wel eens. Welke routes rustig zijn, welke hut het minst beweegt, en wat Thuisarts adviseert.
Foto: Francesco Ungaro via Pexels
De meeste mensen worden niet zeeziek op een groot cruiseschip. Moderne schepen zijn groot, zwaar en hebben stabilisatoren die het slingeren flink dempen. Op de Middellandse Zee in de zomer of op een rivier merk je vrijwel niets.
Het gebeurt wel, en dan meestal op een paar voorspelbare plekken: op open oceaan, bij het oversteken van de Noordzee of de Golf van Biskaje in het najaar en de winter, en op kleinere schepen. Wie er gevoelig voor is, kan het risico met de keuze van route, seizoen en hut flink verkleinen.
En als het toch gebeurt: er zijn goede middelen, met en zonder recept. Het belangrijkste is dat je ze op tijd neemt, voordat je je beroerd voelt.
Een cruiseschip van 150.000 ton reageert trager op golven dan een veerboot of een zeiljacht. Korte golven tillen het nauwelijks op; pas lange deining zet zo'n schip in beweging. Daarom is een groot schip op een rustige dag zo stabiel dat je vergeet dat je op zee bent.
Daarnaast hebben vrijwel alle cruiseschepen stabilisatoren: vinnen aan weerszijden van de romp, onder water, die het slingeren van links naar rechts tegengaan. Ze werken goed tegen het rollen, maar minder tegen het stampen: het op en neer gaan van de voor- en achterkant als het schip tegen de golven in vaart. Dat stampen is wat de meeste mensen misselijk maakt.
Ook belangrijk: niet elk schip is groot. Expeditieschepen, kleine luxeschepen en de postboten van Hurtigruten bewegen meer. Daar zijn ook de vaargebieden ruiger.
Het vaargebied bepaalt meer dan het schip. Grofweg:
Een valkuil voor Nederlanders: de Noorse fjorden zijn binnen de fjorden zelf vlak als een spiegel, maar wie vanuit Rotterdam, Amsterdam of Hamburg vertrekt, steekt eerst de Noordzee over. Dat duurt meestal een dag tot anderhalve dag, heen en terug. In ons aanbod staan ruim driehonderd fjordenreizen vanuit Nederlandse en Duitse havens. In het voorjaar en de zomer is die oversteek meestal geen probleem, in de herfst wel eens.
Meer over de fjorden zelf staat in de gids voor de Noorse fjorden, en over de Drake Passage in ons artikel over Antarctica per schip.
De plek aan boord maakt veel uit. Een schip draait bij het rollen en stampen om een punt ongeveer in het midden en laag in de romp. Hoe verder je daarvandaan bent, hoe meer je voelt.
De hutten helemaal voorin zijn bij zeeziekte de slechtste keuze: daar is het stampen het sterkst. Welke hutten om andere redenen beter te vermijden zijn, staat in welke hut je beter niet boekt.
Thuisarts, de site van de Nederlandse huisartsen, geeft een aantal adviezen die op een schip goed toepasbaar zijn:
Sommige mensen zweren bij gember of bij drukpuntbandjes om de pols. Of die echt werken, is wetenschappelijk niet overtuigend aangetoond, maar ze kunnen geen kwaad.
Volgens Thuisarts zijn er bij de drogist en apotheek middelen zonder recept tegen reisziekte. Dat zijn antihistaminica, met werkzame stoffen als cinnarizine, meclozine of cyclizine. Je neemt ze één tot twee uur van tevoren in. Ze kunnen slaperig maken en een droge mond geven. Voor zwangeren is alleen meclozine geschikt.
Op recept is er een pleister met scopolamine, die je zes tot vijftien uur voor vertrek achter je oor plakt en die drie dagen werkt. Dat is vooral handig bij langere reizen en zeedagen. De pleister is alleen voor volwassenen en kan slaperigheid of verwardheid geven, vooral bij ouderen.
Overleg altijd met je huisarts of apotheker, zeker als je andere medicijnen gebruikt of met kinderen reist; voor kinderen gelden andere middelen en doseringen. Neem het middel van thuis mee: aan boord is lang niet alles verkrijgbaar, en een bezoek aan het medisch centrum van het schip is meestal niet gratis.
Twijfel je of een cruise iets voor je is? In voor het eerst op cruise staan de keuzes die het verschil maken.