Er komen 24 reizen langs in Aldabra en er vertrekt er geen enkele. Op dit atol leven ongeveer honderdduizend reuzenschildpadden.
Dat is de grootste populatie ter wereld en het is een veelvoud van wat er op de Galapagos rondloopt. Zij zijn hier nooit systematisch weggevangen, en dat is de reden.
Wat het bijzonder maakt is niet alleen het aantal maar de rol. Op dit atol is een reptiel het grootste grazende dier; er zijn geen herten, geiten of runderen, en de schildpadden houden de begroeiing kort.
Dat levert een landschap op dat je nergens anders ziet: een korte, dichte vegetatie die door schildpadden is gevormd in plaats van door zoogdieren. Botanici noemen dat schildpadgrasland.
De dieren worden meer dan honderd jaar oud en de grootste wegen ruim tweehonderd kilo. Zij liggen overdag in de schaduw en grazen in de ochtend en de avond.
Op dit atol leeft een ralachtige vogel die niet kan vliegen, en dat is de laatste vliegloze vogel van de Indische Oceaan.
Zijn geschiedenis is uitzonderlijk. Ongeveer honderdzesendertigduizend jaar geleden is dit atol volledig onder water verdwenen bij een hoge zeespiegelstand, en alles wat erop leefde is toen omgekomen.
Toen het weer boven water kwam, zijn er opnieuw vliegende rallen van Madagaskar overgekomen, en die zijn hier voor de tweede keer het vliegen verleerd. Dat is in de fossielen na te gaan: er liggen botten van de eerste, vliegloze vorm onder de laag van de overstroming, en van de tweede erboven.
Biologen noemen dat herhalende evolutie, en er zijn maar weinig gevallen van bekend waarin het zo scherp is aan te tonen. Dezelfde soort, dezelfde plek, twee keer dezelfde uitkomst.
De vogel loopt over de open plekken en is niet schuw. Hij heeft geen roofdier om bang voor te zijn, want er zijn hier geen ratten en geen katten.
In 1967 hebben Groot-Brittannie en de Verenigde Staten een plan gemaakt om op dit atol een vliegbasis te bouwen.
Er zou een startbaan van drieduizend meter komen, met een haven en een garnizoen. Het atol lag strategisch en er woonde niemand, dus er hoefde niemand te worden verplaatst.
De Britse Royal Society heeft daar campagne tegen gevoerd, met een expeditie en een reeks publicaties waarin werd aangetoond wat er verloren zou gaan. Dat is gelukt; het plan is in 1968 geschrapt.
De basis is toen naar een ander atol gegaan, ruim duizend kilometer noordoostelijker. Daar woonden wel mensen, en die zijn tussen 1968 en 1973 gedwongen verplaatst; over dat besluit wordt tot vandaag geprocedeerd.
Dit atol is in 1982 op de werelderfgoedlijst gezet, als een van de eerste natuurgebieden ter wereld. Het wordt beheerd door een stichting die met de opbrengst van bezoek het onderzoek betaalt.
Dit atol ligt elfhonderdvijftig kilometer van het hoofdeiland van dit land en zeshonderdveertig kilometer van de Afrikaanse kust.
Er is geen vliegveld en er is geen dorp. Wat er staat is een onderzoeksstation met een handvol medewerkers op het westelijke eiland, en verder niets.
Bezoek gaat uitsluitend met vergunning van de beherende stichting, met een gids en met een maximum aantal mensen per keer. Er wordt betaald per bezoeker en dat geld gaat naar het beheer.
Het atol bestaat uit vier eilanden om een lagune die bij eb grotendeels droogvalt. Door de vier doorgangen loopt bij elk tij een stroom van meerdere knopen, en varen kan daar alleen op bepaalde momenten.
Dat maakt een bezoek afhankelijk van het getij en van het weer. Vraag na wat er gebeurt als het niet doorgaat; langs de buitenkant varen kan altijd, aan land gaan niet.
Er wordt 5 maanden per jaar aangelegd. januari telt acht aanlopen, februari zeven en december drie.
Dat is het noordwestmoessonseizoen. Van april tot en met oktober staat hier de zuidoostpassaat en is de zee te ruw voor rubberboten.
Negentien van de tweeentwintig reizen duren precies twaalf nachten. Tien vertrekken vanaf het hoofdeiland van dit land en acht uit Mombasa in Kenia.
Bij een van de tweeentwintig reizen ontbreekt het bedrag. De eenentwintig die er staan lopen van vierenzeventighonderdnegentig euro tot dertigduizend vijfhonderdvijfentachtig euro.
Er zijn twee rederijen, met achttien en vier reizen. De buurhavens zijn La Digue, Seychellen, Alphonse Island, Seychelles, Farquhar, Seychellen en Kilwa Kisiwani, Tanzania, en dat zijn de eilanden en de Afrikaanse kust op die route. Wij hebben de afstanden, vaartijden, openingstijden en tarieven niet ter plaatse gecontroleerd.
Deze 2 rederijen uit ons aanbod doen Aldabra aan, samen goed voor 24 reizen.
| Rederij | Reizen langs Aldabra | Vanaf p.p. |
|---|---|---|
| Emerald Yacht Cruises | 20 | €6799 |
| Hapag-Lloyd Cruises | 4 | €7490 |
Andere rederijen kunnen hier ook varen. Wat hierboven staat is wat wij kunnen boeken.
Deze havens staan het vaakst op dezelfde reizen als Aldabra. Geen willekeurig lijstje: het getal is het aantal afvaarten waarop ze samen voorkomen.
23 afvaarten
HANSEATIC nature · vanuit Victoria
HANSEATIC nature · vanuit Port Louis
HANSEATIC nature · vanuit Port Louis
HANSEATIC nature · vanuit Port Louis