Er komen 117 reizen langs in Kalocsa en er vertrekt er geen enkele. Het schip komt hier niet aan de kade van het stadje zelf, want dat ligt niet aan het water.
De coordinaten van dit record wijzen naar het centrum, en dat ligt bijna vijf kilometer ten oosten van de Donau. Er is een aanlegplaats aan de rivier en vandaar rijdt een bus het laatste stuk.
Dat is een korte rit van een kwartier en het is dus geen bezwaar zoals bij Munchen of Salamanca, waar je uren onderweg bent. Het is wel goed om te weten dat je hier niet van de loopplank het stadje in wandelt.
Die aanlegplaats is bovendien niet meer dan een steiger in de uiterwaarden. Er is daar niets: geen terminal, geen winkel en geen taxi. Wie niet mee de bus in gaat, blijft aan boord.
Negenentwintig reizen beginnen in Boedapest, twintig in Passau en zeventien in Boekarest. Vierentwintig duren elf nachten, vijftien acht en veertien twaalf; dit is dus overwegend de lange route over de benedenloop.
Er wordt 9 maanden per jaar aangelegd, en de verdeling daarvan is opvallend.
april telt achtentwintig aanlopen en april tweeentwintig. Daartussenin zakt het in: juli telt er twee en augustus een enkele.
Twee pieken in het voor- en najaar met een lege zomer ertussen komt op een zeecruisepagina zelden voor. Op deze rivier heeft het twee redenen die elkaar versterken.
De eerste is de hitte. In de Hongaarse en Roemeense laagvlakte loopt het in juli en augustus tegen de vijfendertig graden, en een riviercruise bestaat voor een groot deel uit bussen en buitenterreinen.
De tweede is het water. Bij een droge zomer zakt de Donau zo ver dat schepen niet overal meer door kunnen, en dan wordt een deel van de reis met de bus gedaan. Dat risico is in het voorjaar en het najaar het kleinst.
De prijzen lopen van zestienhonderdvijfennegentig euro tot vijfenvijftighonderdvijfenzeventig, en bij achtentwintig van de vijfentachtig reizen ontbreekt het bedrag. Elf reizen dragen de Middellandse Zee als vaargebied; wij hebben dat nagerekend en alle elf komen daar werkelijk, want dat zijn reizen die met Istanbul en de Zwarte Zee worden gecombineerd.
Dit stadje van vijftienduizend inwoners is in Hongarije om een ding bekend, en dat is het rode poeder.
Op de vlakte eromheen wordt de peper verbouwd die tot paprikapoeder wordt gemalen, en samen met een stad in het zuiden levert deze streek vrijwel de hele Hongaarse productie. Dat gaat om een gewas dat pas in de achttiende eeuw echt is aangeslagen en dat sindsdien het beeld van de hele keuken bepaalt.
De oogst valt in september. De peulen worden dan aan touwen geregen en aan de gevels en onder de dakranden gehangen om te drogen, en hele straten kleuren daarvan rood.
Er is een museum over dat gewas, met de oude molens en met uitleg over de soorten: van zoet en mild tot scherp, en dat verschil zit in of het zaadlijstje wordt meegemalen of niet.
Het is een van de weinige plekken waar je dat verschil kunt proeven voordat je koopt. Neem het mee in blik en niet in een zakje, want het poeder verliest in licht en lucht snel zijn kleur en smaak.
De tweede zaak waar dit stadje om bekendstaat is een vorm van volkskunst die hier is ontstaan.
Vrouwen schilderden hier vanouds bloemmotieven rechtstreeks op de binnenmuren van de woning, uit de losse hand en zonder voortekening, in felle kleuren. Datzelfde motief is later op geborduurd linnen terechtgekomen en op klederdracht.
Het is aan een bepaalde soort bloem en aan de manier van opbouwen meteen te herkennen, en het wordt hier nog gemaakt en verkocht. Er is een huis ingericht waar het op de originele manier op de wanden staat.
Daarnaast is dit een van de twee aartsbisdommen die de eerste Hongaarse koning rond het jaar duizend heeft gesticht, tegelijk met de kerstening van het land. Dat is voor een plaats van deze omvang bijzonder.
De kathedraal die er nu staat is de vierde op die plek en dateert uit het midden van de achttiende eeuw. Ernaast staat een bibliotheek met ongeveer honderdvijftigduizend banden, waaronder middeleeuwse handschriften, en die is te bezoeken.
De meest geboekte excursie hiervandaan gaat niet over het stadje maar over de vlakte erachter.
Op een landgoed buiten de bebouwing wordt een ruitervoorstelling gegeven met de paarden en het tuig van de Hongaarse steppe. Er wordt met de zweep geknald, er wordt gereden zonder zadel, en er zijn paarden die op commando gaan liggen.
Het nummer waar het om draait is een ruiter die rechtop op de ruggen van twee paarden staat en van daaruit nog drie paarden voor zich uit ment. Dat is een kunststuk dat uit het hoeden van kudden op de vlakte is voortgekomen.
Er hoort een rit met paard en wagen bij en een glas van de plaatselijke gebrande drank. Het geheel duurt ongeveer twee tot drie uur, inclusief het rijden heen en terug.
De rederijen die hier langskomen zijn Emerald Cruises, Nicko Cruises, Scenic River Cruises en Viva Cruises, met zevenenveertig aanlopen van de grootste. De havens die het vaakst met deze op dezelfde reis staan zijn Budapest, Boekarest, Belgrado en Rousse. Wij hebben de afstanden, rijtijden, openingstijden en tarieven niet ter plaatse gecontroleerd.
Deze 6 rederijen uit ons aanbod doen Kalocsa aan, samen goed voor 117 reizen.
| Rederij | Reizen langs Kalocsa | Vanaf p.p. |
|---|---|---|
| Emerald Cruises | 86 | €2729 |
| Nicko Cruises | 11 | €1649 |
| Scenic River Cruises | 8 | — |
| Viva Cruises | 7 | €2995 |
| A-ROSA | 3 | €2098 |
| CroisiEurope | 2 | €1999 |
Andere rederijen kunnen hier ook varen. Wat hierboven staat is wat wij kunnen boeken.
Deze havens staan het vaakst op dezelfde reizen als Kalocsa. Geen willekeurig lijstje: het getal is het aantal afvaarten waarop ze samen voorkomen.
86 afvaarten · pagina 4 van 4
Emerald Luna · vanuit Budapest
Emerald Star · vanuit Budapest
Emerald Destiny · vanuit Budapest
Emerald Star · vanuit Budapest
Emerald Star · vanuit Budapest
Emerald Luna · vanuit Istanbul
Emerald Star · vanuit Istanbul
VIVA TWO · vanuit Passau (München)