Tristan da Cunha is een vulkaan van ruim tweeduizend meter hoog die midden in de Zuid-Atlantische Oceaan uit het water steekt. Op een smalle strook aan de noordwestkant wonen ongeveer tweehonderdvijftig mensen, en dat is de hele bevolking.
De dichtstbijzijnde bewoonde plek is Sint-Helena, tweeduizend vierhonderdvijfendertig kilometer noordelijker. Het dichtstbijzijnde vasteland is Zuid-Afrika, op bijna drieduizend kilometer. Er is geen vliegveld en er kan er ook geen komen, want er is nergens genoeg vlakke grond.
De coordinaten van dit record hebben wij nagerekend. Zij staan vijfentwintig kilometer ten zuidwesten van het dorp, en dat is buiten het eiland, in open zee. Het eiland zelf is maar een kilometer of elf breed, dus het punt ligt er werkelijk naast.
Dat is naar de maatstaven van dit bestand een kleine fout. Wij hebben records gevonden waarvan het punt duizenden kilometers verkeerd staat. Toch noemen wij het, want als je hier op een kaart zoekt, vind je zee.
Er komen 17 reizen langs en er vertrekt er geen enkele. Twaalf beginnen in Ushuaia, drie in Miami, drie in Buenos Aires, twee in Kaapstad en verder een in Valparaiso en een in Puerto Williams.
Bij alle tweeentwintig reizen staat Europa als vaargebied. Voor een eiland op zevenendertig graden zuiderbreedte is dat opmerkelijk, dus hebben wij het uitgezocht.
Een deel ervan is te verdedigen. Verschillende van deze reizen zijn lange trajecten die van Zuid-Amerika via dit eiland doorlopen naar Lissabon, Cherbourg of het Kanaal, en dan is Europa terecht.
Maar acht van de tweeentwintig komen nergens in Europa. Drie daarvan zijn rondreizen van twintig nachten tussen Kaapstad en Ushuaia via Zuid-Georgie en Antarctica; een is een reis van vijfentwintig nachten van Buenos Aires naar Zuid-Afrika; een andere gaat van Puerto Williams via de Falklands en dit eiland naar Walvisbaai. Op geen van die acht staat een enkele Europese haven.
Wij hebben daarna de gebruikelijke omkeertest gedaan: is er een andere haven die op alle tweeentwintig reizen meevaart en die het etiket zou kunnen meebrengen? Die is er niet. Er is geen enkele haven die op alle tweeentwintig voorkomt.
De conclusie is daarmee onvermijdelijk: het etiket zit aan dit record zelf vast, dat op tweeentwintig van de tweeentwintig reizen Europa draagt. Dit is de achtste keer dat wij een verkeerd vaargebied tot een enkele haven kunnen herleiden. Filter hier dus niet op vaargebied.
Er staat in dit bestand nog een tweede record waarin dit eiland voorkomt, en dat is van een ander type. Het heet naar het hele overzeese gebied en noemt in een adem Sint-Helena, Ascension en dit eiland. Er hangen vijftien reizen aan.
Die drie eilanden vormen inderdaad een bestuurlijke eenheid, maar als aanlegplaats zegt dat niets. Tussen Sint-Helena en Ascension ligt bijna dertienhonderd kilometer en tussen Sint-Helena en dit eiland tweeduizend vierhonderdvijfendertig. Dat zijn dagen varen.
De coordinaten van dat record staan bij Jamestown op Sint-Helena. Voor wie op dat record boekt, is dus niet af te lezen welk van de drie eilanden wordt aangedaan, of dat het er misschien twee zijn.
Dit is hetzelfde patroon dat wij eerder bij Corsica, Kreta en de Galapagoseilanden hebben vastgesteld: het gebied wordt als haven opgevoerd terwijl de kades er los in staan. Wil je zeker weten dat je hier komt, kijk dan op deze pagina en niet op die andere.
De reizen lopen ver uiteen. Vier duren twintig nachten en dat is de kortste vorm; verder staan er lengtes van eenentwintig, vijfentwintig, vierendertig, vierenveertig, zesenveertig, drieenvijftig, vijfenvijftig, zesenvijftig, zevenenvijftig, drieenzestig, zevenenzestig, eenenzeventig, eenentachtig, tweeentachtig, zesentachtig en zesennegentig nachten.
De prijzen lopen mee: van elfduizend achthonderdnegenennegentig euro tot achtenzestigduizend honderdnegenennegentig. Dit is geen bestemming waar je goedkoop terechtkomt, en dat komt doordat de vaartijd alleen al enorm is.
Wat je bij het boeken moet weten, staat niet in de bron maar hoort er wel bij. Er is hier geen haven. Het dorp heeft een klein bootvak dat bij deining onbruikbaar is, en cruiseschepen liggen voor anker en brengen mensen met sloepen aan land.
Die deining is er vaak. Aanlopen op dit eiland gaan met enige regelmaat niet door, en dan vaart het schip verder. Reken erop dat een bezoek hier een kans is en geen zekerheid, en boek een reis van dit kaliber niet uitsluitend hierom.
Bij vier van de tweeentwintig reizen ontbreekt het bedrag. Alle vier komen van dezelfde rederij, die hier ook precies vier reizen levert; bij die aanbieder ontbreekt de prijs in het hele bestand bij elke reis zonder uitzondering.
De twee andere rederijen op deze pagina leveren samen achttien reizen en bij alle achttien staat een bedrag. Wat je hier aan prijzen ziet, is dus compleet op een aanbieder na, en die aanbieder levert nergens prijzen.
Er wordt 3 maanden per jaar aangelegd. maart telt zestien van de tweeentwintig aanlopen, januari drie, oktober twee en februari een.
Die concentratie in maart is geen toeval. Dat is het einde van de zuidelijke zomer, wanneer de schepen die het Antarctische seizoen hebben gevaren naar het noorden terugkeren en dit eiland op de weg ligt.
De jaarverdeling is nog schever: een aanloop valt in 2026, twee in 2027 en negentien in 2028. Wie hier op korte termijn heen wil, heeft vrijwel geen keuze.
Het dorp op dit eiland heet Edinburgh of the Seven Seas en wordt door de bewoners zelf gewoon het dorp genoemd. De gemeenschap gaat terug op een garnizoen dat hier in 1816 werd gelegerd en op schipbreukelingen en walvisvaarders die bleven hangen.
Wat daar het gevolg van is: vrijwel iedereen op het eiland deelt een van een handvol achternamen. Er zijn er zeven, en dat is voor tweehonderdvijftig mensen weinig.
In oktober 1961 barstte de vulkaan uit, vlak achter het dorp. De hele bevolking is geevacueerd, eerst naar Nightingale Island en daarna via Kaapstad naar Engeland, waar men in een oud legerkamp in Hampshire werd ondergebracht. Twee jaar later stemde vrijwel iedereen ervoor om terug te gaan, en dat is ook gebeurd.
Het eiland leeft nu van kreeft. Er wordt een soort langoest gevangen en ter plaatse verwerkt, en die uitvoer levert het grootste deel van het inkomen. Daarnaast brengen postzegels geld op, wat voor een gebied met tweehonderdvijftig inwoners meer uitmaakt dan je zou denken.
De grond is gemeenschappelijk bezit en kan niet aan buitenstaanders worden verkocht. Iedereen heeft een aardappelveld, en de aardappelvelden liggen op een kilometer of drie van het dorp op een vlakte die daar de Patches heet. Wij hebben de afstanden, vaartijden, openingstijden en tarieven niet ter plaatse gecontroleerd.
Deze 2 rederijen uit ons aanbod doen Tristan da Cunha aan, samen goed voor 17 reizen.
| Rederij | Reizen langs Tristan da Cunha | Vanaf p.p. |
|---|---|---|
| Seabourn | 16 | €14499 |
| Silversea Cruises | 1 | — |
Andere rederijen kunnen hier ook varen. Wat hierboven staat is wat wij kunnen boeken.
Deze havens staan het vaakst op dezelfde reizen als Tristan da Cunha. Geen willekeurig lijstje: het getal is het aantal afvaarten waarop ze samen voorkomen.
Tristan da Cunha is een vulkaan van ruim tweeduizend meter hoog die midden in de Zuid-Atlantische Oceaan uit het water steekt. Op een smalle strook aan de noordwestkant wonen ongeveer tweehonderdvijftig mensen, en dat is de hele bevolking.
De dichtstbijzijnde bewoonde plek is Sint-Helena, tweeduizend vierhonderdvijfendertig kilometer noordelijker. Het dichtstbijzijnde vasteland is Zuid-Afrika, op bijna drieduizend kilometer. Er is geen vliegveld en er kan er ook geen komen, want er is nergens genoeg vlakke grond.
De coordinaten van dit record hebben wij nagerekend. Zij staan vijfentwintig kilometer ten zuidwesten van het dorp, en dat is buiten het eiland, in open zee. Het eiland zelf is maar een kilometer of elf breed, dus het punt ligt er werkelijk naast.
Dat is naar de maatstaven van dit bestand een kleine fout. Wij hebben records gevonden waarvan het punt duizenden kilometers verkeerd staat. Toch noemen wij het, want als je hier op een kaart zoekt, vind je zee.
Er komen 17 reizen langs en er vertrekt er geen enkele. Twaalf beginnen in Ushuaia, drie in Miami, drie in Buenos Aires, twee in Kaapstad en verder een in Valparaiso en een in Puerto Williams.
Bij alle tweeentwintig reizen staat Europa als vaargebied. Voor een eiland op zevenendertig graden zuiderbreedte is dat opmerkelijk, dus hebben wij het uitgezocht.
Een deel ervan is te verdedigen. Verschillende van deze reizen zijn lange trajecten die van Zuid-Amerika via dit eiland doorlopen naar Lissabon, Cherbourg of het Kanaal, en dan is Europa terecht.
Maar acht van de tweeentwintig komen nergens in Europa. Drie daarvan zijn rondreizen van twintig nachten tussen Kaapstad en Ushuaia via Zuid-Georgie en Antarctica; een is een reis van vijfentwintig nachten van Buenos Aires naar Zuid-Afrika; een andere gaat van Puerto Williams via de Falklands en dit eiland naar Walvisbaai. Op geen van die acht staat een enkele Europese haven.
Wij hebben daarna de gebruikelijke omkeertest gedaan: is er een andere haven die op alle tweeentwintig reizen meevaart en die het etiket zou kunnen meebrengen? Die is er niet. Er is geen enkele haven die op alle tweeentwintig voorkomt.
De conclusie is daarmee onvermijdelijk: het etiket zit aan dit record zelf vast, dat op tweeentwintig van de tweeentwintig reizen Europa draagt. Dit is de achtste keer dat wij een verkeerd vaargebied tot een enkele haven kunnen herleiden. Filter hier dus niet op vaargebied.
Er staat in dit bestand nog een tweede record waarin dit eiland voorkomt, en dat is van een ander type. Het heet naar het hele overzeese gebied en noemt in een adem Sint-Helena, Ascension en dit eiland. Er hangen vijftien reizen aan.
Die drie eilanden vormen inderdaad een bestuurlijke eenheid, maar als aanlegplaats zegt dat niets. Tussen Sint-Helena en Ascension ligt bijna dertienhonderd kilometer en tussen Sint-Helena en dit eiland tweeduizend vierhonderdvijfendertig. Dat zijn dagen varen.
De coordinaten van dat record staan bij Jamestown op Sint-Helena. Voor wie op dat record boekt, is dus niet af te lezen welk van de drie eilanden wordt aangedaan, of dat het er misschien twee zijn.
Dit is hetzelfde patroon dat wij eerder bij Corsica, Kreta en de Galapagoseilanden hebben vastgesteld: het gebied wordt als haven opgevoerd terwijl de kades er los in staan. Wil je zeker weten dat je hier komt, kijk dan op deze pagina en niet op die andere.
De reizen lopen ver uiteen. Vier duren twintig nachten en dat is de kortste vorm; verder staan er lengtes van eenentwintig, vijfentwintig, vierendertig, vierenveertig, zesenveertig, drieenvijftig, vijfenvijftig, zesenvijftig, zevenenvijftig, drieenzestig, zevenenzestig, eenenzeventig, eenentachtig, tweeentachtig, zesentachtig en zesennegentig nachten.
De prijzen lopen mee: van elfduizend achthonderdnegenennegentig euro tot achtenzestigduizend honderdnegenennegentig. Dit is geen bestemming waar je goedkoop terechtkomt, en dat komt doordat de vaartijd alleen al enorm is.
Wat je bij het boeken moet weten, staat niet in de bron maar hoort er wel bij. Er is hier geen haven. Het dorp heeft een klein bootvak dat bij deining onbruikbaar is, en cruiseschepen liggen voor anker en brengen mensen met sloepen aan land.
Die deining is er vaak. Aanlopen op dit eiland gaan met enige regelmaat niet door, en dan vaart het schip verder. Reken erop dat een bezoek hier een kans is en geen zekerheid, en boek een reis van dit kaliber niet uitsluitend hierom.
Bij vier van de tweeentwintig reizen ontbreekt het bedrag. Alle vier komen van dezelfde rederij, die hier ook precies vier reizen levert; bij die aanbieder ontbreekt de prijs in het hele bestand bij elke reis zonder uitzondering.
De twee andere rederijen op deze pagina leveren samen achttien reizen en bij alle achttien staat een bedrag. Wat je hier aan prijzen ziet, is dus compleet op een aanbieder na, en die aanbieder levert nergens prijzen.
Er wordt 3 maanden per jaar aangelegd. maart telt zestien van de tweeentwintig aanlopen, januari drie, oktober twee en februari een.
Die concentratie in maart is geen toeval. Dat is het einde van de zuidelijke zomer, wanneer de schepen die het Antarctische seizoen hebben gevaren naar het noorden terugkeren en dit eiland op de weg ligt.
De jaarverdeling is nog schever: een aanloop valt in 2026, twee in 2027 en negentien in 2028. Wie hier op korte termijn heen wil, heeft vrijwel geen keuze.
Het dorp op dit eiland heet Edinburgh of the Seven Seas en wordt door de bewoners zelf gewoon het dorp genoemd. De gemeenschap gaat terug op een garnizoen dat hier in 1816 werd gelegerd en op schipbreukelingen en walvisvaarders die bleven hangen.
Wat daar het gevolg van is: vrijwel iedereen op het eiland deelt een van een handvol achternamen. Er zijn er zeven, en dat is voor tweehonderdvijftig mensen weinig.
In oktober 1961 barstte de vulkaan uit, vlak achter het dorp. De hele bevolking is geevacueerd, eerst naar Nightingale Island en daarna via Kaapstad naar Engeland, waar men in een oud legerkamp in Hampshire werd ondergebracht. Twee jaar later stemde vrijwel iedereen ervoor om terug te gaan, en dat is ook gebeurd.
Het eiland leeft nu van kreeft. Er wordt een soort langoest gevangen en ter plaatse verwerkt, en die uitvoer levert het grootste deel van het inkomen. Daarnaast brengen postzegels geld op, wat voor een gebied met tweehonderdvijftig inwoners meer uitmaakt dan je zou denken.
De grond is gemeenschappelijk bezit en kan niet aan buitenstaanders worden verkocht. Iedereen heeft een aardappelveld, en de aardappelvelden liggen op een kilometer of drie van het dorp op een vlakte die daar de Patches heet. Wij hebben de afstanden, vaartijden, openingstijden en tarieven niet ter plaatse gecontroleerd.
Deze 2 rederijen uit ons aanbod doen Tristan da Cunha aan, samen goed voor 17 reizen.
Andere rederijen kunnen hier ook varen. Wat hierboven staat is wat wij kunnen boeken.
Deze havens staan het vaakst op dezelfde reizen als Tristan da Cunha. Geen willekeurig lijstje: het getal is het aantal afvaarten waarop ze samen voorkomen.