611 boekbare reizen langs 7 havens, vanaf €236 per persoon.
Er zijn 611 boekbare reizen die Zuid-Korea aandoen, langs 7 havens. Busan draagt er 667, Jeju 186, Seoul 76 en Incheon 69.
De vertrekcijfers vertellen het echte verhaal. Tokio staat met 476 vertrekken bovenaan, Shanghai met 104 en Hongkong met 40; Busan zelf komt op 24. Dit land is dus vrijwel altijd een tussenstop op een reis die in Japan of China begint.
Dat verklaart ook de reisduur: 333 van de 611 reizen duren tien tot veertien dagen en 316 vijftien dagen of langer. Wie hier komt, komt op een rondreis door Noordoost-Azië.
Busan ligt aan de zuidoostpunt van het schiereiland, op een nacht varen van Japan. Dat is de reden dat de haven zo hoog staat: hij past in vrijwel elke Japanse route als extra land, zonder dat het schip een omweg maakt.
Busan telt drieënhalf miljoen inwoners en is de tweede stad van het land, met een van de grootste containerhavens ter wereld.
Wat de stad vorm heeft gegeven is de Koreaoorlog. Toen het noordelijke leger in 1950 vrijwel het hele schiereiland innam, bleef alleen de hoek rond Busan in handen van het zuiden. Miljoenen vluchtelingen kwamen daar terecht en bouwden hun huizen tegen de heuvels op, waar geen ruimte meer was.
Een van die wijken is Gamcheon, dat lange tijd een sloppenwijk was en sinds 2009 met kunstenaars is opgeknapt: de huizen zijn in kleuren geverfd en er zijn steegjes met beelden en muurschilderingen. Het is inmiddels de bekendste plek van de stad en het is er druk.
Aan de rand van de stad ligt de begraafplaats van de Verenigde Naties, de enige ter wereld voor gesneuvelden onder VN-vlag. Er liggen ruim tweeduizend militairen uit elf landen, onder wie honderdzeventien Nederlanders van het Van Heutsz-detachement.
Verder heeft de stad de grootste vismarkt van het land, Jagalchi, waar de handel traditioneel door vrouwen wordt gedaan, en de Haedong Yonggungsa-tempel op de rotsen boven zee, wat in een land vol bergtempels ongebruikelijk is.
Jeju staat op 186 aanlopen en ligt honderd kilometer ten zuiden van het vasteland.
Het eiland is één grote vulkaan: de Hallasan haalt negentienhonderdvijftig meter en is daarmee de hoogste berg van Zuid-Korea. Eromheen liggen honderden kleinere kraters en een stelsel van lavatunnels, waarvan de Manjanggul een van de langste ter wereld is. Sinds 2007 staat het geheel op de Werelderfgoedlijst.
Er is nog iets wat je op het vasteland niet ziet. Op Jeju duiken vrouwen zonder zuurstof naar schelpen en zeewier, tot diepten van tien meter en tot op hoge leeftijd. Die haenyeo waren decennialang de kostwinners van het eiland en hun aantal is teruggelopen tot een paar duizend, van wie de meesten boven de zestig. Sinds 2016 staat het beroep op de Unesco-lijst van immaterieel erfgoed.
De havens verschillen. Grote schepen liggen aan de kade van Jeju-stad aan de noordkant; sommige reizen noemen Seogwipo aan de zuidkant, en dat is een andere kant van het eiland met de watervallen en de rotsformaties.
Wie een dag heeft, kiest tussen de krater beklimmen bij Seongsan Ilchulbong, de lavatunnel, of de kust. Alle drie kunnen niet.
Op het eiland groeit ook de mandarijn waar het om bekendstaat, een kleine zoete soort die je overal langs de weg ziet liggen, en er staan tuinen waar je zelf kunt plukken. De oogst is van november tot januari.
Seoul staat met 76 in de havenlijst en Incheon met 69, en dat zijn in de praktijk dezelfde reis: Incheon is de zeehaven en Seoul ligt veertig kilometer landinwaarts.
Vanaf Incheon is het met de metro of een bus ruim een uur naar het centrum, dus een havendag in Seoul is te doen. Wat je haalt is beperkt: het paleis Gyeongbokgung met de wisseling van de wacht, de wijk Bukchon met de traditionele hofjeswoningen, en een markt. Twee of drie dingen.
Vanaf Busan is het een ander verhaal. De hogesnelheidstrein doet er tweeënhalf uur over, dus heen en terug ben je vijf uur kwijt en dan is er van je havendag niets over. Doe dat niet.
Er is een excursie die vanuit Incheon wordt aangeboden en die je nergens anders krijgt: de gedemilitariseerde zone op de grens met Noord-Korea, ruim een uur rijden. Je kijkt er over de grens uit en bezoekt een van de tunnels die het noorden onder de grens door heeft gegraven. Die tochten hebben strenge regels over kleding, fotograferen en identiteitspapieren, en ze worden bij spanningen op de grens zonder waarschuwing geschrapt.
Yeosu, met 49 aanlopen, ligt aan de zuidkust tussen Busan en de eilanden en heeft een baai met bruggen en een oude marinegeschiedenis. Sokcho in het noordoosten is de toegang tot het Seoraksan-gebergte.
Maart telt 119 reizen, september ook 119 en oktober 108. December komt uit op 2 en januari op 56.
Dat patroon lijkt op dat van Japan en om dezelfde reden: het voorjaar en het najaar zijn hier de reismaanden. In april bloeien de kersenbomen, in oktober kleuren de bergen, en daartussen ligt een zomer met een regenseizoen in juli en tyfoons in augustus en september.
De winter is het probleem. Zuid-Korea ligt op dezelfde breedte als Spanje maar krijgt in de winter koude lucht uit Siberië, en in Seoul kan het tien graden vriezen. Voor een cruisehaven aan de Japanse Zee betekent dat wind en ruwe zee, en dat is waarom december vrijwel leeg is.
De rederijen zijn Princess Cruises, Seabourn, Royal Caribbean International en Silversea Cruises, met Princess op 176 reizen, Silversea op 68 en Royal Caribbean op 66. Er varen drieënveertig verschillende schepen en de goedkoopste reis begint bij €236 per persoon.
Opvallend is het aandeel luxe: 294 reizen staan als luxe zeecruise geboekt en 202 als kleinschalig. Dat past bij de reisduur en bij het publiek dat een rondreis door Noordoost-Azië boekt.
Nederlanders hebben voor kort verblijf geen visum nodig, maar Zuid-Korea werkt met een elektronische reisautorisatie die je vooraf online aanvraagt. Voor cruisepassagiers gelden soms afwijkende regels; kijk het na bij je rederij en bij de Koreaanse autoriteiten, want dit is de afgelopen jaren meerdere keren gewijzigd.
Betalen gaat met de won en pinnen kan overal; contant geld heb je nauwelijks nodig. Fooien zijn niet gebruikelijk.
Het openbaar vervoer is uitstekend en de aanduidingen zijn tweetalig. In Busan en Seoul kom je met de metro overal, en een oplaadbare vervoerspas werkt in beide steden.
Engels wordt in de toeristische delen gesproken maar buiten de grote steden niet veel. Vertaalapps werken er goed en worden er ook door de bewoners gebruikt.
Eén punt over eten: Koreaanse maaltijden komen met een reeks kleine bijgerechten die je niet apart bestelt en die worden bijgevuld. Dat hoort erbij en kost niets extra.
103 reizen naar Zuid-Korea
69 reizen naar Zuid-Korea
54 reizen naar Zuid-Korea
50 reizen naar Zuid-Korea
36 reizen naar Zuid-Korea
26 reizen naar Zuid-Korea
24 reizen naar Zuid-Korea
24 reizen naar Zuid-Korea
20 reizen naar Zuid-Korea
19 reizen naar Zuid-Korea
18 reizen naar Zuid-Korea
18 reizen naar Zuid-Korea
Er zijn 611 boekbare reizen die Zuid-Korea aandoen, langs 7 havens. Busan draagt er 667, Jeju 186, Seoul 76 en Incheon 69.
De vertrekcijfers vertellen het echte verhaal. Tokio staat met 476 vertrekken bovenaan, Shanghai met 104 en Hongkong met 40; Busan zelf komt op 24. Dit land is dus vrijwel altijd een tussenstop op een reis die in Japan of China begint.
Dat verklaart ook de reisduur: 333 van de 611 reizen duren tien tot veertien dagen en 316 vijftien dagen of langer. Wie hier komt, komt op een rondreis door Noordoost-Azië.
Busan ligt aan de zuidoostpunt van het schiereiland, op een nacht varen van Japan. Dat is de reden dat de haven zo hoog staat: hij past in vrijwel elke Japanse route als extra land, zonder dat het schip een omweg maakt.
Busan telt drieënhalf miljoen inwoners en is de tweede stad van het land, met een van de grootste containerhavens ter wereld.
Wat de stad vorm heeft gegeven is de Koreaoorlog. Toen het noordelijke leger in 1950 vrijwel het hele schiereiland innam, bleef alleen de hoek rond Busan in handen van het zuiden. Miljoenen vluchtelingen kwamen daar terecht en bouwden hun huizen tegen de heuvels op, waar geen ruimte meer was.
Een van die wijken is Gamcheon, dat lange tijd een sloppenwijk was en sinds 2009 met kunstenaars is opgeknapt: de huizen zijn in kleuren geverfd en er zijn steegjes met beelden en muurschilderingen. Het is inmiddels de bekendste plek van de stad en het is er druk.
Aan de rand van de stad ligt de begraafplaats van de Verenigde Naties, de enige ter wereld voor gesneuvelden onder VN-vlag. Er liggen ruim tweeduizend militairen uit elf landen, onder wie honderdzeventien Nederlanders van het Van Heutsz-detachement.
Verder heeft de stad de grootste vismarkt van het land, Jagalchi, waar de handel traditioneel door vrouwen wordt gedaan, en de Haedong Yonggungsa-tempel op de rotsen boven zee, wat in een land vol bergtempels ongebruikelijk is.
Jeju staat op 186 aanlopen en ligt honderd kilometer ten zuiden van het vasteland.
Het eiland is één grote vulkaan: de Hallasan haalt negentienhonderdvijftig meter en is daarmee de hoogste berg van Zuid-Korea. Eromheen liggen honderden kleinere kraters en een stelsel van lavatunnels, waarvan de Manjanggul een van de langste ter wereld is. Sinds 2007 staat het geheel op de Werelderfgoedlijst.
Er is nog iets wat je op het vasteland niet ziet. Op Jeju duiken vrouwen zonder zuurstof naar schelpen en zeewier, tot diepten van tien meter en tot op hoge leeftijd. Die haenyeo waren decennialang de kostwinners van het eiland en hun aantal is teruggelopen tot een paar duizend, van wie de meesten boven de zestig. Sinds 2016 staat het beroep op de Unesco-lijst van immaterieel erfgoed.
De havens verschillen. Grote schepen liggen aan de kade van Jeju-stad aan de noordkant; sommige reizen noemen Seogwipo aan de zuidkant, en dat is een andere kant van het eiland met de watervallen en de rotsformaties.
Wie een dag heeft, kiest tussen de krater beklimmen bij Seongsan Ilchulbong, de lavatunnel, of de kust. Alle drie kunnen niet.
Op het eiland groeit ook de mandarijn waar het om bekendstaat, een kleine zoete soort die je overal langs de weg ziet liggen, en er staan tuinen waar je zelf kunt plukken. De oogst is van november tot januari.
Seoul staat met 76 in de havenlijst en Incheon met 69, en dat zijn in de praktijk dezelfde reis: Incheon is de zeehaven en Seoul ligt veertig kilometer landinwaarts.
Vanaf Incheon is het met de metro of een bus ruim een uur naar het centrum, dus een havendag in Seoul is te doen. Wat je haalt is beperkt: het paleis Gyeongbokgung met de wisseling van de wacht, de wijk Bukchon met de traditionele hofjeswoningen, en een markt. Twee of drie dingen.
Vanaf Busan is het een ander verhaal. De hogesnelheidstrein doet er tweeënhalf uur over, dus heen en terug ben je vijf uur kwijt en dan is er van je havendag niets over. Doe dat niet.
Er is een excursie die vanuit Incheon wordt aangeboden en die je nergens anders krijgt: de gedemilitariseerde zone op de grens met Noord-Korea, ruim een uur rijden. Je kijkt er over de grens uit en bezoekt een van de tunnels die het noorden onder de grens door heeft gegraven. Die tochten hebben strenge regels over kleding, fotograferen en identiteitspapieren, en ze worden bij spanningen op de grens zonder waarschuwing geschrapt.
Yeosu, met 49 aanlopen, ligt aan de zuidkust tussen Busan en de eilanden en heeft een baai met bruggen en een oude marinegeschiedenis. Sokcho in het noordoosten is de toegang tot het Seoraksan-gebergte.
Maart telt 119 reizen, september ook 119 en oktober 108. December komt uit op 2 en januari op 56.
Dat patroon lijkt op dat van Japan en om dezelfde reden: het voorjaar en het najaar zijn hier de reismaanden. In april bloeien de kersenbomen, in oktober kleuren de bergen, en daartussen ligt een zomer met een regenseizoen in juli en tyfoons in augustus en september.
De winter is het probleem. Zuid-Korea ligt op dezelfde breedte als Spanje maar krijgt in de winter koude lucht uit Siberië, en in Seoul kan het tien graden vriezen. Voor een cruisehaven aan de Japanse Zee betekent dat wind en ruwe zee, en dat is waarom december vrijwel leeg is.
De rederijen zijn Princess Cruises, Seabourn, Royal Caribbean International en Silversea Cruises, met Princess op 176 reizen, Silversea op 68 en Royal Caribbean op 66. Er varen drieënveertig verschillende schepen en de goedkoopste reis begint bij €236 per persoon.
Opvallend is het aandeel luxe: 294 reizen staan als luxe zeecruise geboekt en 202 als kleinschalig. Dat past bij de reisduur en bij het publiek dat een rondreis door Noordoost-Azië boekt.
Nederlanders hebben voor kort verblijf geen visum nodig, maar Zuid-Korea werkt met een elektronische reisautorisatie die je vooraf online aanvraagt. Voor cruisepassagiers gelden soms afwijkende regels; kijk het na bij je rederij en bij de Koreaanse autoriteiten, want dit is de afgelopen jaren meerdere keren gewijzigd.
Betalen gaat met de won en pinnen kan overal; contant geld heb je nauwelijks nodig. Fooien zijn niet gebruikelijk.
Het openbaar vervoer is uitstekend en de aanduidingen zijn tweetalig. In Busan en Seoul kom je met de metro overal, en een oplaadbare vervoerspas werkt in beide steden.
Engels wordt in de toeristische delen gesproken maar buiten de grote steden niet veel. Vertaalapps werken er goed en worden er ook door de bewoners gebruikt.
Eén punt over eten: Koreaanse maaltijden komen met een reeks kleine bijgerechten die je niet apart bestelt en die worden bijgevuld. Dat hoort erbij en kost niets extra.