Activiteiten en entertainment schip in de vloot van Royal Caribbean International.
De Voyager of the Seas vaart voor Royal Caribbean International en is gebouwd in 1999, met plaats voor 3138 passagiers. Hieronder staan de specificaties, de hutten en alle afvaarten die nu te boeken zijn.
De Voyager of the Seas is in 1999 in de vaart gekomen en meet 138.000 brutoton. Het schip is 311 meter lang, telt 15 dekken en heeft plaats voor 3.138 passagiers, met 1.181 bemanningsleden.
Er staan nu 101 afvaarten open, vanaf €223 per persoon, met vertrekdata van oktober 2026 tot en met september 2028.
De rederij is Royal Caribbean International en de havens die het vaakst op het programma staan zijn Seattle, Juneau, Victoria, Skagway, Los Angeles en Endicott Arm.
Het schip verplaatst zich met de seizoenen mee: Mexico vanuit Los Angeles, Alaska vanuit Seattle en de Stille Oceaan vanuit Brisbane.
Toen het in 1999 werd opgeleverd, was het het grootste passagiersschip ter wereld; nu varen er schepen die twee keer zo groot zijn.
Op zes afvaarten staat Catalina Island, een eiland voor de kust van Los Angeles dat je vanaf het vasteland op heldere dagen ziet liggen.
Er woont een paar duizend mensen in een havenplaatsje met een ronde danszaal aan het water uit 1929, en de rest van het eiland is vrijwel leeg.
Wat er wel rondloopt, is een kudde bizons, en die staat daar door een toevalligheid.
In 1924 werden er veertien dieren naartoe gebracht voor een film die op het eiland werd opgenomen; na de opnamen bleek terugbrengen te duur en zijn ze blijven staan.
Ze hebben zich vermenigvuldigd tot honderden en worden nu op ongeveer honderd dieren gehouden, met anticonceptie in plaats van afschot.
Er is geen kade, dus je gaat met tenders aan land, en bij deining vervalt de aanloop.
Op zeven afvaarten staat Luganville op Espiritu Santo, het grootste eiland van Vanuatu.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog lag daar een Amerikaanse basis met honderdduizend militairen, wegen, ziekenhuizen en vliegvelden.
Toen de oorlog voorbij was, boden de Amerikanen de hele uitrusting te koop aan aan het Frans-Britse bestuur, dat ervan uitging dat alles toch wel achtergelaten zou worden en niet wilde betalen.
Het antwoord was een bulldozer die dagenlang jeeps, kranen, vrachtwagens en kisten met materieel de zee in duwde, vanaf een pier die daarvoor was gebouwd.
Dat ligt er nog, op een paar meter diepte, en je kunt er overheen snorkelen tussen banden en motorblokken die met koraal zijn begroeid.
Vlakbij ligt bovendien een gezonken passagiersschip dat als troepentransport voer en dat in 1942 op eigen mijnen liep; het is een van de grootste bereikbare wrakken ter wereld.
Op vier afvaarten staat Lifou, het grootste van de Loyaliteitseilanden bij Nieuw-Caledonie.
Het is een opgeheven koraalplateau: een vlak eiland met kliffen die recht in zee vallen en grotten met zoet water eronder.
Er wonen ongeveer negenduizend Kanak, de oorspronkelijke bewoners, en het land is in gemeenschappelijk stambezit.
Dat merk je als bezoeker: wie een strand of een grot wil bezoeken, betaalt een kleine vergoeding aan de familie die het beheert.
Er is geen kade, dus het schip gaat voor anker en je komt met tenders bij een steiger onder een klif.
Op het eiland worden vanille en kokos verbouwd, en de vanille die er wordt verkocht komt uit tuinen op een paar honderd meter van de kade.
Op zesentwintig afvaarten staat Victoria in Canada, en het is nuttig te weten waarom.
Een schip onder buitenlandse vlag mag passagiers niet van de ene Amerikaanse haven naar de andere brengen zonder onderweg een buitenlandse haven aan te doen.
De Alaska-reizen vanuit Seattle hebben daarom een Canadese aanloop nodig, en Victoria ligt op de terugweg precies goed.
Het gevolg is dat het schip er vaak pas in de avond aankomt en er maar een paar uur ligt; het is geen volle havendag.
Wat er in die uren te doen is: de binnenhaven met het parlementsgebouw dat 's avonds met duizenden lampjes is verlicht, en het hotel aan het water waar thee wordt geschonken.
De beroemde tuinen in een afgegraven kalksteengroeve liggen op twintig kilometer en zijn in die tijd krap te doen; ze zijn 's avonds wel verlicht.
Zevenentwintig afvaarten zijn weeklussen vanuit Seattle door de Inside Passage.
Juneau, Skagway en Sitka staan op de route, met op zestien afvaarten Endicott Arm, een smal fjord met drijfijs en een gletsjer aan het eind.
Hoe ver het schip die arm in komt, hangt af van het ijs van die dag; soms wordt er halverwege gedraaid.
Skagway is in 1898 in enkele maanden van een paar honderd naar tienduizenden inwoners gegroeid doordat de goudzoekers er aan wal gingen; de houten gevels aan de hoofdstraat zijn van toen.
Sitka was tot 1867 de hoofdstad van Russisch Amerika en heeft nog een orthodoxe kerk midden in het stadje.
Juneau is de enige hoofdstad in de Verenigde Staten zonder wegverbinding met de rest van het land.
De opzet is die van een groot schip met een straat binnenin.
Over vier dekken loopt een promenade met winkels, cafes en bars, met hutten die erop uitkijken.
Er is een ijsbaan waar shows worden gegeven en waar je zelf kunt schaatsen, een klimwand aan de schoorsteen en een sportveld op het bovendek.
Er zijn een hoofdrestaurant over drie verdiepingen, een buffet en enkele zaken tegen bijbetaling.
Er is een theater, een casino en een reeks bars; dit is een schip uit 1999 en het aanbod is dat van die tijd.
Voor kinderen zijn er clubs per leeftijd, en in de Amerikaanse en Australische schoolvakanties zitten die vol.
De vanafprijs van €223 per persoon is de laagste van vrijwel alle schepen op deze site, en dat hoort bij de reizen van twee en drie nachten.
Er komt een servicevergoeding bovenop de reissom, een vast bedrag per persoon per dag, dat op je rekening aan boord verschijnt.
Dranken komen los, tenzij je een pakket neemt, en dat geldt ook voor de wifi en een deel van de eetgelegenheden.
In Alaska zijn de excursies de grootste post; in Juneau, Skagway en Sitka loop je van de kade zo het stadje in.
Op de Mexicaanse route kom je in Puerto Vallarta en Mazatlan op eigen kracht ver, in Cabo San Lucas minder.
Reken de reis in zijn geheel door voordat je hem met een andere aanbieder vergelijkt.
Op een schip met ruim drieduizend passagiers maakt de plek meer verschil dan de categorie.
Op de Alaska-route weegt een balkon zwaar: je vaart daar overdag fjorden binnen en ligt uren voor een gletsjer.
De hutten die op de promenade binnenin uitkijken zijn prettiger dan een gewone binnenhut, maar je kijkt op de drukte uit en het is er tot laat licht.
Dit is een schip uit 1999, en dat betekent kleinere hutten en kleinere badkamers dan op de nieuwere schepen.
Vermijd de hutten direct onder het buffet, het zwembaddek en het sportveld; daar wordt vroeg begonnen.
Het rustigst zit je midscheeps op een middelhoog dek, met passagiershutten boven en onder je.
Dit is een gezinsschip voor wie op de prijs let en het aanbod aan boord meetelt.
Het werkt goed voor Alaska: een week vanuit Seattle is de eenvoudigste manier om die kust te zien zonder in Canada te hoeven overstappen.
Het werkt uitzonderlijk goed vanuit Brisbane voor wie de eilanden van de Stille Oceaan wil zien; Vanuatu en Nieuw-Caledonie staan op weinig andere programma's.
Het werkt goed als aanhangsel aan een rondreis door Californie of Australie.
Het werkt minder voor wie rust zoekt en minder voor wie het nieuwste verwacht; dit is een schip van ruim een kwart eeuw oud.
Het publiek is Amerikaans op de noordelijke routes en Australisch op de zuidelijke. De voertaal is Engels.
Bij dit schip bepaalt de maand in welk werelddeel je vaart.
Het Alaska-seizoen loopt van mei tot september, met tien tot twintig graden en regen in elke maand.
Voor de Mexicaanse kust is november tot april het aangenaamst, met twintig tot achtentwintig graden en walvissen langs de kust.
Voor Australie en de eilanden van de Stille Oceaan is mei tot oktober het droge seizoen, buiten het cycloonseizoen.
Dat cycloonseizoen loopt in de Koraalzee van november tot april, en dan kan een route naar Vanuatu worden omgelegd.
De overtochten tussen die gebieden liggen in het voor- en najaar en tellen weken aan zeedagen.
De drie vertrekhavens liggen ver uit elkaar en dat bepaalt de reis ernaartoe.
Los Angeles is elf uur rechtstreeks vliegen vanuit Amsterdam met negen uur tijdverschil en een ESTA.
Seattle is tien uur rechtstreeks met eveneens negen uur tijdverschil; de terminal ligt op een kwartier van het centrum.
Brisbane vraagt ruim twintig uur met een overstap, acht tot tien uur tijdverschil en een elektronische reistoestemming voor Australie.
Kom bij elke reis minstens een dag eerder, en bij Australie twee.
De meeste reizen beginnen en eindigen in dezelfde haven; alleen bij de overtochten is dat anders.
Het boekingssysteem waarmee wij werken levert voor dit schip geen aantal hutten aan. Het passagiersaantal hierboven hoort bij de gebruikelijke bezetting van twee personen per hut; met alle stapelbedden en extra bedden meegeteld varen er enkele honderden mensen meer mee.
99 afvaarten · pagina 5 van 5